Geschiedenis

VelsenDe oorsprong van de gemeente is het dorp Velsen, dat vroeger een agrarische gemeenschap tussen de duinen en het Wijkermeer was. In 1876 kwam een eind aan de landelijke rust toen het Noordzeekanaal open ging. Een deel van het IJ en het Wijkermeer werden hiervoor ingepolderd. Veel kanaalwerkers bleven hier wonen en vormden samen met het personeel van de sluizen en de douane de eerste bewoners. De nieuwe vestiging werd door koning Willem lll gedoopt tot IJmuiden – monding van het IJ. 

Industrie
IJmuiden groeide uit tot een van de belangrijkste aanvoerhavens van zeevis in ons land. Met de aanleg van het Noordzeekanaal ontdekte de industrie de mogelijkheden van deze goedkope en gemakkelijke aanvoerroute. De komst van de Koninklijke Hoogovens (tegenwoordig Corus) in 1918 en de daaruit voortkomende ondernemingen zoals staalfabrieken, maakten Velsen tot een industrieel centrum van internationale betekenis.

Wederopbouw
In de Tweede Wereldoorlog werd een groot deel van het dorp verwoest. Velsen was een van de zwaarst getroffen Nederlandse gemeenten. Na de wederopbouw groeide Velsen uit tot een moderne stad aan zee. Architect Dudok drukte zijn stempel op de gemeente met onder andere zijn ontwerp van het stadhuis en de stedenbouwkundige inrichting van het centrum. Velsen groeide langzaam uit tot de gemeente die het nu is: zeven woonkernen met elk een eigen karakter, een rijke industrie en een gezellige badplaats.